Niet te geloven: wij zijn niks!

Niet te geloven: wij zijn niks!

Gisteravond was ik een avondje kletsbeppen met de moeders van de kinderen van de klas van dochter (geweldige verhaalzin). Dat noemen ze hier “Elternstammtisch”, een stamtafel voor kletsgrage ouders. Correctie: moeders. Vaders waren er niet. Maar moeders zijn nu eenmaal ook ouders. Ik ga graag naar zulke kletsbepavonden want het is gezellig en je wordt er elke keer opnieuw stukken wijzer van. De opzienbarendste schoolnieuwtjes, de komende veranderingen, de laatste roddels (jaja, die ook, niet dat ik ze wil horen, neuhhh echnie!! Maar ja, je zit er nu eenmaal hè…).
Het gesprek kwam vanzelfsprekend ook op het onderwerp “religie” aangezien dat hier een dagelijks wederkerend, uitermate relevant iets is. Nog steeds, ook in dit nieuwe millennium. Minimaal 2 uur godsdienstles per week (en dat bij ‘maar’ halve dagen school, hè!!). Op goed 220 schoolkinderen hebben we welgeteld 10 evangelische kindekes, één moslimmeke, en 2 ‘niksertjes’ (de onzen), de rest is rooms-katholiek. De eerste twee schooljaren wordt er dan ook hoofdzakelijk naar die allesoverheersende eerste communie toegewerkt.
Nu zijn wij zogezegd atheïstisch en onze kinderen niet gedoopt dus nemen ze ‘vrijwillig’ aan de godsdienstlessen deel, voor zover ons dat in ons straatje past. Een beetje kennis van wat andere mensen om ze heen nou wél allemaal geloven is nooit weg. Ik had het liever wat breder gezien (een vak als ethiek bijvoorbeeld, waar alle religies en maatschappelijke overtuigingen een beetje aan bod komen) maar helaas, dat is er simpelweg niet. Het is dat of het is niks. Dat laatste zou waarschijnlijk wel beter bij ons zou passen, maar ze gaan toch naar ‘Religion’.
Mij werd (door aanwezige juf) gevraagd of dochter nou in het komende jaar nog blijft deelnemen aan de godsdienstlessen. Ik antwoordde bevestigend, met een voorzichtig “voor zover het voor ons te verenigen is” er achteraan. Misschien krijgt ze wel logopedie in één van die uren, net als zoon het afgelopen jaar tijdens een godsdienstlesuur elke week zijn extra leesbegeleiding kreeg.
Een moeder keek mij raar aan en vroeg vervolgens hoogstverbaasd: “Wat voor geloof ben je dan??”
Ik antwoordde iets in de trant van “nou, niks hè…”
Dat kon ze niet bevatten. Ze viel werkelijk bijna van haar stoel.
“Jullie zijn niks? Bestáát dat dan? Hoe kan dat? Hoe kun je nou niks zijn, hoe kun je nou niks gelóven? Dan kun je toch niet léven?”
Wel. Zie hier. Ik geloof niet in een god.
Ook niet in meerdere goden.
En ik leef nog!
Dus blijkbaar ben ik toch iets.
Eén grote bonk niksatomen.
En ik heb zelfs een hart!
Ik ben Lou.
Van de Stam der Niksers.
I rest my case 🙂

0 gedachten over “Niet te geloven: wij zijn niks!

    1. jah hahah 🙂 ik geloof ook wel dingen en mensen hoor. Maar ik heb ’t nu even over religieuze en goddelijke dingen enzo. Alhoewel, onze groeptherapie is wel goddelijk hè… en de lijntjes ook best spiritueel… hmmm….

  1. Atheïst… Ik vind dat meteen zo verwerpend klinken. Ik noem mezelf liever een luie agnost. Een zoekende, maar er vooral niet mee bezig zijn. Als er zoiets bestaat, dan kom ik het bewijs vanzelf wel tegen. Of niet uiteraard. Geloven in Lou betekent voor mij meteen geloven in meerderen, in beide gevallen geloven in lief.
    En dat je je kinderen wel laat meedoen aan de lessen (ik zou liever ‘levensbeschouwing’ zien dan ethiek) vind ik een goeie, heb onze zoon daar ook aan mee laten doen en leer hem er zelf ook veel over. Geloof is nou eenmaal aanwezig, daar wat meer dan hier, maar zo onlosmakelijk met onze geschiedenis verbonden dat je het een niet zonder het ander kan begrijpen.
    Het nu kan je ook niet begrijpen zonder het verleden.

    1. Ik hou je bezig hè 😉 Atheïsme vind ik op zich niet verwerpelijk klinken, het klopt nu eenmaal: ik geloof niet in goden. Zonder god dus. Ik geloof wél in andere dingen als de kracht van liefde, van gedachten, van mensen, van energie. Maar dat heeft niets met goden te maken. Ik kan mij gewoon heel moeilijk voorstellen dat rationeel denkende mensen met de huidige kennis van alles om ons heen, nog steeds kunnen geloven in een concept als een “god”. Tenzij ze god anders definiëren als iets van “gebundelde liefde” oid. Niet dat ik dat geloof, maar het is een concept wat navolgbaarder is.
      Levensbeschouwing of ethiek, het ging me niet om de naam (ik kwam simpelweg niet op een ander woord dan ‘ethiek’) maar om een schoolse mogelijkheid om meer van de verschillende religieuze richtingen en wereldbeschouwingen te weten te komen. Geloof in goden is idd aanwezig, hoe onbegrijpelijk ook. Dan kun je er maar beter wat meer van af weten (ik heb er bijv. ook een voorleesboek over). En vooral: iedereen in zijn waarde laten. Ik zal niemand veroordelen omdat hij/zij iets wenst te geloven. Maar laat mij dan ook in mijn waarde als ik datgene niet kan/wil geloven… (oh en morgen zijn we de hele dag op stap vanwegen het vormsel van een nichtje van me, dus in alle vroegte 1,5 uur kerkdienst voor de boeg ;-)).

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *